Opleidingen & Trainingen

Neem contact op met Stoc
Algemeen

STOC en de MO-Zaak zijn ieder met hun eigen expertise actief in het sociale domein. Wij zagen dat er veel onduidelijkheid bij cliënten, aanbieders, verwijzers, indicatiestellers, zorgkantoren en gemeenten is over wanneer een cliënt onder de Wmo, de Zvw, de Wlz en/of de Jeugdwet valt. Cliënten en hun netwerk zijn door de onduidelijkheid veel tijd kwijt met de weg vinden naar de juiste instantie en raken daarbij gefrustreerd.

Elke gemeente is wettelijk verplicht om onafhankelijke en deskundige cliëntondersteuning te organiseren. De cliënt heeft recht op bijstand in het gesprek met wijkteam of Wmo-consulent. Voorafgaand aan die gesprekken maakt onafhankelijke cliëntondersteuning het verschil: voor de cliënt, gemeente, zorgverzekeraar en voor het CIZ. Uit een recent onderzoek van de ANBO blijkt dat bij twee derde van de gevallen, de ondervraagden niet geholpen zijn bij de voorbereiding op het Wmo-onderzoek. Ook kreeg 67 procent geen informatie over het recht op onafhankelijke cliëntondersteuning.

Wij zijn van mening dat onafhankelijke en praktische cliëntondersteuning onduidelijkheid kan wegnemen en voor een ieder tijd- en kostenbesparing kan opleveren. STOC en de MO-zaak hebben derhalve besloten hun krachten te bundelen en hebben samen een praktische leergang tot cliëntondersteuner ontwikkeld waarvan de eerste leergang op 10 januari 2017 van start gaat.

Onafhankelijk en deskundig

De cliëntondersteuner kent de wet- en regelgeving op het gebied van maatschappelijke ondersteuning, zorg, jeugdhulp, passend onderwijs, welzijn, wonen, werk en inkomen. Hieronder vallen bijvoorbeeld de Wmo, Jeugdwet en Participatiewet. Daarnaast kent hij de Wlz en de Zvw en het grijze gebied tussen deze wetten. Een cliëntondersteuner staat naast de cliënt en is realistisch, ook als een beroep op een Wmo-maatwerkvoorziening toch niet de juiste ondersteuning biedt. Bijvoorbeeld omdat er oplossingen zijn in het eigen netwerk of een beroep kan worden gedaan op de Wlz of zorgverzekering. Want alleen een reële boodschap is in het belang van de cliënt. Met de juiste gesprekstechniek voorkomt de professional zo een onnodige aanvraag voor ondersteuning vanuit de Wmo. En dat is in ieders belang.

Ondersteuning voor alle doelgroepen
Iedere burger die daar behoefte aan heeft, moet eenvoudig en snel toegang hebben tot cliëntondersteuning. Lang niet alle cliënten kunnen tenslotte verwoorden wat er aan de hand is. Een luisterend oor en een scherpe blik zijn essentieel om de vraag duidelijk te krijgen. De cliëntondersteuner hoort tijdens een gesprek ook wat níet gezegd wordt en ziet zaken waar een ander misschien overheen kijkt. Hij heeft ervaring in de ondersteuning van mensen met een beperking en stemt zijn communicatie af op het niveau van de cliënt en op wat die nodig heeft om de cliëntondersteuning te ontvangen.
Voor kwetsbare groepen zoals multiprobleemgezinnen, ouderen, mensen met psychische of psychosociale problemen is cliëntondersteuning van nog groter belang.


De leergang bestaat uit 7 modules van in totaal 10 dagen, verdeelt over een periode van ongeveer 11 maanden. De lessen vinden, buiten de schoolvakanties, in principe maandelijks plaats.

De onderwerpen die tijdens de modules aan bod komen: inleiding Wmo en Wlz, veranderend wettelijk kader Wmo, Wlz en Zvw, verhelderingsgesprekken, gezondheidsleer, balans en zelfredzaamheid, sociale beperkingen, verstandelijke beperkingen, lichamelijke beperkingen, psychologische beperkingen, oplossingsgericht werken, communicatieleer en interviewtechnieken. Meer over de inhoud van de modules leest u hierna.

Module 1: Visie en positie van de onafhankelijke cliëntondersteuner (1 dag)
1. Onderscheidende taken cliëntondersteuner in sociaal domein.
2. Inzicht in oorzaken en gevolgen van beperkingen en kwetsbaarheid van cliënten in het dagelijks leven.
3. Kerntaken cliëntondersteuners.

Module 2: Wet- en regelgeving (2 dagen)
1. Brede algemene kennis van de nieuwe wetgeving.
2. Kennis van ziektebeelden in relatie tot de beperkingen die tot hulpvragen leiden.
3. Overlap in de doelgroep van de Wmo, de Participatiewet en de Jeugdwet.

Module 3: De doelgroepen binnen het sociaal domein (1 dag)
Professionals in het sociaal domein komen in aanraking met burgers van alle leeftijden die mogelijk door een beperking, stoornis of gebrek of een psychisch probleem niet zelfredzaam te zijn of kunnen participeren. Om hen zo goed mogelijk te ondersteunen, is het belangrijk dat de professional hun problemen kent.

Module 4: Samenwerken, netwerken en steungroepen (2 dagen)
1. Informele en formele netwerken versterken, omschreven als methodisch en resultaatgericht handelen.
2. De sociale en professionele omgeving van de cliënt betrekken bij cliënt en die activeren. De omgeving toerusten voor steuntaken en die steun coördineren.
3. Zichtbaar, aanspreekbaar en aanwezig zijn voor burgers en professionals in wijk, werkgebied of regio.
4. Verbindingen leggen, zodat mensen met een beperking eenvoudiger toegang krijgen tot algemene en voorliggende voorzieningen.

Module 5: Brede vraagverheldering (1 dag)
1. Interview- en oplossingsgerichte gesprekstechnieken (triage).
2. Motiverende gespreksvoering.

Module 6: Eigen kracht, conflicthantering en gespreksmethodieken (2 dagen)
1. Ondersteunen naar eigen regie, methodisch en resultaatgericht handelen.
2. Cliënt en omgeving begeleiden bij verwerven vaardigheden.
3. Cliënt ondersteunen de eigen mogelijkheden en die van de leefomgeving te gebruiken en uit te breiden.
4. Cliënt en diens omgeving leren tegenslagen en beperkingen te accepteren.

Module 7: Positioneren, professionaliseren en de onafhankelijke rol (1 dag)
1. Verbindingen leggen tussen de cliënt, zijn directe omgeving, infrastructuur in de wijk en andere professionals.
2. Optimale balans vinden tussen de belangen van de cliënt, zijn netwerk en de belangen van de samenleving.
3. Advies over leven met een beperking.

Voor wie?
De leergang is bedoeld voor iedereen die zich wil bekwamen als cliëntondersteuner. Ervaring is niet vereist, een werk- en denkniveau op MBO4 of hoger wel.

Resultaat

Centraal in het programma staan:
• het verwerven van brede algemene kennis van de nieuwe wetgeving;
• het verwerven van kennis van ziektebeelden in relatie tot de beperkingen die hulpvragen genereren;
• het aanleren van interview- en oplossingsgerichte gesprekstechnieken (triage) met cliënten;
• het praktisch vertalen van de kernbegrippen zelfredzaamheid, eigen kracht en samenwerking;
• het leren van andere professionals en ervaring uitwisselen met de studiegroep.

Na afloop ontvangen de deelnemers, bij 80% aanwezigheid een bewijs van deelname.

Praktische Informatie

Uitvoering en locatie
De open inschrijving start in principe 4 keer per jaar (januari, april, september en november) en wordt gegeven in Bunnik. Bij onvoldoende inschrijvingen wordt de start van de opleiding tenminste 1 maand opgeschoven. Indien u zich heeft ingeschreven, ontvangt u hierover tijdig bericht.

Voorafgaand aan de opleiding wordt een proefcollege gegeven. Het proefcollege vindt 2 maanden voorafgaand aan de startdatum plaats. Het proefcollege voor januari start in november. Ook hiervoor dient u zich in te schrijven.

Per lesdag worden er 2 lesdagdelen gegeven. Het eerste dagdeel start om 9.30u en eindigt om 12.30u. Het tweede dagdeel start om 13.00u en eindigt om 16.00u.

Kosten
De leergang van 10 dagen is modulair opgebouwd. Inschrijven kan per module of voor de gehele leergang. De hele leergang kost € 2.175. Deze prijs is inclusief lesmateriaal, koffie/thee en een eenvoudige lunch. Indien u losse modules wilt volgen dient u rekening te houden met een prijs van € 250 voor een eendaagse module en € 475 voor een tweedaagse module.

De leergang kan gehele of per module ook in-company worden ingekocht. Wij geven u graag vrijblijvend een prijsopgave.

Voor mobiliteits- en re-integratietrajecten bestaat er specifiek aanbod.